vrijdag 18 mei 2012
Start Nieuws Persberichten Dossiers Kritisch bekeken Publicaties Multimedia Onze parlementsleden Programma
fractie . VL+
@VL+, nr. 79

Inhoudstafel
  1. Het Roma-plan van de Vlaamse Regering : “Welkom bij reisbur ...
  2. Vlaams Belang wijst op het omkaderingsprobleem (gebrek aan p ...

Het Roma-plan van de Vlaamse Regering : “Welkom bij reisbureau Bourgeois !”. N-VA-inburgeringsbeleid in Vlaamse Regering staat haaks op federale stoerdoenerij m.b.t. asiel en migratie

De plenaire vergadering van het Vlaams Parlement werd deze week gedomineerd door een ganse resem actuele vragen over de gebrekkige communicatie van het Roma-plan waarvoor Vlaams Minister voor Inburgering Geert Bourgeois verantwoordelijk moest tekenen.
Vlaams Volksvertegenwoordiger Johan Deckmyn legde Minister Bourgeois het vuur aan de schenen rond de berichtgeving over het Roma-plan in de Bulgaarse pers. Daar werd vorig weekend door een aantal uitspraken van Minister Bourgeois tijdens de toelichting over het Roma-plan na de Vlaamse Ministerraad het beeld opgehangen van Vlaanderen als hèt opvangland voor Roma-migranten.

Johan Deckmyn : “In Gent stellen we vast dat de Roma niet individueel of in gezinsverband binnenkomen, maar met busladingen Ze zorgen dan ook voor serieuze overlast in de vele Gentse wijken. De situatie is zo ernstig dat burgemeester Termont, een socialist, uitspraken doet waarvoor het Vlaams Belang destijds nog is veroordeeld. Het is vreemd om dat te constateren. En wat u doet u, minister? U komt aandraven met een Roma-plan dat onmiddellijk verschijnt in krantenartikels in Bulgarije en Roemenië. Daarin staat dat België het land van melk en honing is. Er staat zelfs dat men Roma-zigeuners zoekt voor het invullen van knelpuntberoepen in Vlaanderen. Als signaal kan dat tellen. In plaats van zoals in Frankrijk te kiezen voor een politiek van gedwongen uitwijzingen, kiest men hier voor een politiek van opvang en ondersteuning. Daarmee creëert men een aanzuigeffect. Daarmee trekken we niet minder, maar juist meer Roma naar Vlaanderen.”.

Minister Bourgeois minimaliseerde de berichtgeving in Oost-Europa en gaf vooral een theoretische uiteenzetting over het niet apart kunnen registreren van de Roma en het in strijd zijn van Frankrijk met de EU-regels rond het verbod op collectieve uitwijzing. Hij hield een pleidooi voor niet-discriminatie en een inclusieve aanpak via een inburgeringsbeleid alhoewel de Roma’s niet onder de categorie van verplichte inburgeraars vallen. Hierbij zou de minister werken met aanspreekpunten (bij de verschillende beleidsdomeinen zoals huisvesting, welzijn, onderwijs, enz…) voor de lokale overheden en een zgn. “ketenmanagement”. Het probleem is volgens Bourgeois ook een totaal verkeerde aanpak van de leefloonproblematiek waar men in bepaalde steden zoals Gent vanaf dag één een leefloon geeft.

Johan Deckmyn repliceerde gevat : “Nadat we in een vorige legislatuur in het federale parlement al gezien hebben hoe onder leiding van Leterme en met steun van de N-VA massale regularisaties van illegalen zijn gebeurd, zien we nu met uw Romaplan dat de N-VA ook in deze regering geen streng migratiebeleid kan voeren. Minister, Frieda Brepoels heeft de visaregelgeving Europees goedgekeurd. Op federaal vlak werden asielzoekers massaal geregulariseerd, met steun van de N-VA. Ten slotte is er het nu door u voorgelegde Romaplan. Die drie zaken nopen me tot slechts één conclusie: de N-VA staat niet voor een streng immigratiebeleid. Ik hoop dat uw kiezers dat zullen onthouden.”.

Vlaams Belang wijst op het omkaderingsprobleem (gebrek aan professoren) en het gebrek aan onderzoeksmiddelen voor de Vlaamse universiteiten !

Het aantal studenten in het hoger onderwijs is opgelopen tot 200.000. Op 10 jaar tijd zijn er 45 procent meer studenten gekomen. 71 procent meer geslaagde doctoraatstudenten en 90 procent meer publicaties in toptijdschriften. Daartegenover staat slechts 10 procent meer professoren die zich steeds minder met onderzoek kunnen bezig houden. Als men het aandeel van de proffen in het totale personeelsbestand van de universiteiten bekijkt, is het nog duidelijker. Van 20 procent in 1993, toen was dus één vijfde van het personeel van de universiteiten proffen, is het aandeel gezakt naar 13 procent. Er is dus duidelijk een omkaderingsprobleem ontstaan. De universiteiten zijn nu zelf tijdelijke oplossingen aan het zoeken, maar ze pleiten voor de oprichting van een middenkader. Dat heeft ook een budgettaire implicatie en dat is vandaag niet evident.

Vlaams Volksvertegenwoordigster Gerda Van Steenberge moest zich ter zake voor de zoveelste maal in deze legislatuur ergeren aan de provocatieve uitspraken van Onderwijsminister Smet die in de pers stelde dat “de proffen maar wat harder moesten werken zoals iedereen : “Ik denk dat 1 jaar ministerschap u stilaan naar het hoofd begint te stijgen als u het zich permitteert om zo denigrerend te doen over de professoren. U zult het waarschijnlijk weer niet gezegd hebben, ik heb blijkbaar elke dinsdag “watten in mijn oren”. Minister, niet al onze professoren zijn zoals Rik Torfs, ze hebben geen tijd over om interviews te geven of om deel te nemen aan shows. De meeste professoren hechten belang aan onderzoek. Tijdens de begrotingsbespreking heb ik de minister gevraagd hoe het zit met de middelen voor onderzoek. De minister en de Vlaamse Regering hebben een ambitieuze doelstelling. Het Pact 2020 moet ons in staat stellen de Barcelona-norm te halen. Er komen echter geen bijkomende middelen. Om op het vlak van de kenniseconomie tot de top vijf te behoren, is onderzoek echter van primordiaal belang. Indien er geen bijkomende middelen voor onderzoek en ontwikkeling komen, zal Vlaanderen op het vlak van de kenniseconomie nooit de top vijf halen. Wanneer zult u uiteindelijk in bijkomende middelen voor de professoren en voor het hoger onderwijs voorzien?”.

Minister Smet antwoordde dat men in moeilijke budgettaire tijden aan het hoger onderwijs slechts een hele kleine inspanning heeft gevraagd en dat niet werd geraakt aan het kliksysteem wat betekent dat als er meer studenten zijn, de Vlaamse Regering meer geld geeft aan de universiteiten en hogescholen. Smet verwees ook naar het engagement van de Vlaamse Regering om tussen 2012 en 2025 maar liefst 225 miljoen euro extra te geven. Bovendien zou ook de planlast voor de universiteiten en hogescholen worden verminderd. Wat de extra onderzoeksmiddelen betreft, heeft de Vlaamse Regering afgesproken dat ze de komende maanden zal kijken hoe er extra kan worden geïnvesteerd

Gerda Van Steenberge bleef echter beklemtonen dat de onderzoeksmiddelen NU nodig zijn : “Ik heb het bij de begrotingsbesprekingen al gezegd. U doet te weinig om ervoor te zorgen dat Vlaanderen binnen de top 5 van de kenniseconomie komt te staan. Minister, u zegt op uw website: “Hoera, hoera, we zijn de vicekampioen”. Maar zo goed gaat het niet met de leerlingen, als beide professoren zeggen dat ze geen bijkomende onderzoeksmiddelen krijgen. Er is de hervorming van het hoger onderwijs. Het Vlaams Parlement heeft een resolutie goedgekeurd die u de opdracht geeft om in meer onderzoeksmiddelen voor het hoger onderwijs te voorzien. De professoren vragen dat, het hoger onderwijs vraagt dat, de Vlaamse Onderwijsraad (Vlor) vraagt dat en die onderzoeksmiddelen zijn er niet. U kunt er niet mee blijven wachten. De tijd dringt.”.



© 1997 - 2012 Vlaams Belang