maandag 06 februari 2012
Start Nieuws Persberichten Dossiers Kritisch bekeken Publicaties Multimedia Onze parlementsleden Programma
fractie . VL+
@VL+, nr. 23

Inhoudstafel
  1. Vlaams Volksvertegenwoordiger Jan Penris zet het verankering ...
  2. Minister Ceyssens wil meer Engels in het hoger onderwijs !
  3. Geen herfederalisering van Ontwikkelingssamenwerking !
  4. Bespreking decreet financiering hoger onderwijs begonnen…!
  5. Biologische groenten niet per definitie veiliger en gezonder ...

Vlaams Volksvertegenwoordiger Jan Penris zet het verankeringsdebat terug op de agenda van het Vlaams Parlement !

Vlaams Volksvertegenwoordiger Jan Penris merkte de voorbije dagen op dat Minister-President Peeters in een aantal interviews andermaal een lans brak voor het meer investeren in Vlaamse bedrijven door Vlaamse kapitaalverschaffers waardoor de eigendomsstructuur zou kunnen worden verankerd. Een van de argumenten was dat beslissingscentra maar in Vlaanderen zullen blijven als de eigenaar tenminste gedeeltelijk vanuit Vlaanderen opereert. De Minister-President wilde samen met de “captains of capital” ook nagaan hoe men de krachten kan bundelen om onze bedrijven maximaal internationaal uit te spelen. De voorzitter van de GIMV meende in een opiniestuk echter dat men te weinig beleid voert om de producten waar Vlaanderen marktleider in is de weg te laten vinden naar de buitenlandse, bv. Aziatische massamarkten. De GIMV-voorzitter vond het zelfs aangewezen dat gezocht moest worden naar meer buitenlandse partners waarin Vlaamse bedrijven zouden kunnen investeren. Meer nog, men zou zelfs dienen op zoek te gaan naar buitenlandse overnemers van Vlaamse bedrijven om op die manier Vlaamse technologie onder te brengen bij buitenlandse groepen.
Maar ook de voorzitter van “Vlaanderen in Actie”, Karel Vinck gelooft niet direct in de verankeringsstrategie van de Minister-President. De Vlaamse kapitaalmarkt is volgens hem niet sterk genoeg, te diffuus en te versplinterd is. Daarnaast wil Vinck dat de Vlaamse KMO's hun blik op het buitenland richten en overeind blijven in de vaart der volkeren door ook in het buitenland te investeren.
Minister-President Peeters gaf toe dat het verankeringsdebat na 1999 een stille dood is gestorven maar dat hij een vernieuwd “verankeringsdebat” wilde openen op basis van de vaststelling dat de Vlaamse “capitains of capital” teveel in verspreide slagorde actief zijn en aldus onvoldoende kracht hebben om in de grote Europese of Amerikaanse fondsen, die veel meer middelen hebben, te stappen. Peeters wil ter zake een meer gebundelde actie en vindt het ook belangrijk dat de Vlaamse overheid KMO's of groeiondernemingen helpt om internationaal actief te zijn op andere markten.

Minister Ceyssens wil meer Engels in het hoger onderwijs !

Vlaams Volksvertegenwoordigster Marie-Rose Morel hekelde in de plenaire vergadering van 16 januari 2008 de uitspraken van Minister van Economie Ceyssens over de noodzaak de equivalentregel te schrappen of minstens te verruimen. Marie-Rose Morel waarschuwde ter zake voor een soort “tweesnelhedenonderwijs” : “Als het niet meer nodig is dat er binnen dezelfde provincie een Nederlandstalig equivalent aanwezig zou zijn, zoals oorspronkelijk bepaald, dan betekent dit dat we elke student een wagen en tankkaart moeten geven. U kunt daarmee lachen, maar dat is natuurlijk de praktijk als er 's morgens een les in Leuven wordt gegeven, 's middags een in Hasselt en 's avonds een in Gent.We begrijpen eigenlijk ook niet goed waarom u deze discussie nu aangaat. We hebben het decreet er nog eens rustig op nagelezen: nergens verbiedt het de mogelijkheid om, eventueel met het oog op het binnenhalen van bijkomende internationale studenten, extra cursussen in te richten. Dat kost natuurlijk meer. Dat begrijpen wij ook. We zijn het er echter helemaal niet mee eens dat u dat geld zou gaan halen bij de lessen die in het Nederlands, dat toch nog altijd onze moedertaal is, worden gegeven. Dan moet er maar creatiever mee worden omgesprongen. Het is ook bewezen dat cursussen waar zeer veel in het Engels wordt gedoceerd, helemaal geen bijkomende buitenlandse studenten aantrekken. De oplossing die u aanbiedt, is hier dus niet aan de orde. Daar bestaan cijfers over. Er is geen enkel significant verschil tussen de aantallen buitenlandse studenten. Ook gaat de essentie van een uitwisseling deels verloren. Waarom gaan mensen in het buitenland studeren? Waarom nemen ze deel aan Erasmus? Niet om een soort eenheidsworst te krijgen en in het Engels op een andere universiteit te gaan studeren, met andere cafés in de buurt, maar om zich onder te dompelen in die taal en cultuur, tussen die mensen. Die lijkt nu allemaal verloren te gaan door wat u hier voorstelt. Dat gaat natuurlijk ten koste van onze eigen Nederlandstalige studenten.”.
Minister van Onderwijs Vandenbroucke beklemtoonde dat de Vlaamse Beweging inderdaad jarenlang politieke strijd heeft gevoerd om Vlaamse jongeren het recht te bezorgen om diploma's hoger onderwijs op basis van het Nederlands te behalen : “ Er is daarvoor gevochten, en dat zullen we niet zomaar opgeven. Verder is er de vraag wat de kwaliteit is van het anderstalig, en dan vooral van het Engelstalig aanbod? En wat is het effect ervan op de ontwikkeling van de wetenschap in de eigen taal?”. Toch vond Minister Vandenbroucke dat de Vlaamse regelgeving nogal strikt is : “Denk maar aan de al vermelde 10 percent en aan de bepaling dat een Engelstalig aanbod op het Masterniveau volledig moet worden gedoubleerd met een Nederlandstalig aanbod. Dat laatste is echt duur. Moeten we dat toch niet eens bekijken?”. De minister wilde de doublures alvast voorleggen aan de commissie die zich over de rationalisatie van het hoger onderwijs buigt. Minister Ceyssens verwees naar de aanbevelingen van het Rapport Soete/Oosterlinck : “We moeten onder ogen durven zien dat we voor de verdere innovatiedynamiek in onze Vlaamse economie echt iets moeten doen met die taalregeling. Ik wil dat doen met het grootste respect voor het verleden. Er is hard gevochten voor onze bestuurstaal, onze cultuurtaal, onze onderwijstaal. Dat heeft Vlaanderen een belangrijke socio-economische dynamiek gegeven. Je kunt er echter niet omheen dat de innovatiedynamiek van vandaag andere eisen stelt.”. Minister Ceyssens bleef erbij dat Vlaanderen meer postdoctorandi dient aan te trekken en ons wetenschappelijk onderzoek dient te worden geïnternationaliseerd en dat dit laatste vooral is vervlochten met de masteropleiding : “Voor mij is het een debat over de vraag of Vlaanderen zich open of gesloten zal opstellen, met respect voor ons verleden.”.
Marie-Rose Morel repliceerde dat tal van studies tonen aantonen dat Engels een instructietaal kan zijn op papier, maar een destructietaal in de realiteit : “In andere continenten dan Europa, in derdewereldlanden en voornamelijk Afrikaanse landen, wordt Engels vaak gekozen als onderwijstaal omdat men anders met een ongelofelijke groep verschillende talen zit. Men merkt dat dit het omgekeerde effect heeft. Wanneer men de leerstof wil overbrengen in het begin, vormt dit een grotere barrière. Het is een grotere barrière, omdat het moeilijker is voor de leraar die de taal niet eigen is om het over te brengen. Het is moeilijker voor de leerling die de taal niet eigen is om het te adapteren. Het is alsof twee mensen die elkaar perfect verstaan, via een soort codetaal met elkaar gaan spreken. Het heeft dus het omgekeerde effect. (…) Mevrouw de minister, ik denk dat u de juiste persoon bent om aan te spreken. Zoek daar een oplossing voor, en het is op geen enkel ogenblik nodig om ervoor te zorgen dat uw eigen Nederlandstalige Vlaamse studenten een vak niet meer in hun moedertaal kunnen volgen, omdat u een aantal buitenlandse studenten wilt binnenhalen. Dat is wat hier gebeurt. U gaat een aantal vakken ontdubbelen - want ik neem aan dat als er geld genoeg zou zijn, alles parallel zou lopen - en een aantal vakken niet meer aanbieden aan uw eigen studenten in hun moedertaal, om een aantal buitenlandse studenten binnen te halen.”.

Geen herfederalisering van Ontwikkelingssamenwerking !

In de zogenaamde “Convergentie-nota” van Premier Verhofstadt, die officieus als leidraad dient voor de gesprekken over een nieuwe staatshervorming, staat te lezen dat de bevoegdheden rond ontwikkelingssamenwerking geherferderaliseerd zouden moeten worden. Op dit moment worden deze bevoegdheden gedeeld tussen de federale overheid en de gewesten en gemeenschappen. Nochtans was in de vorige staatshervorming, nl. het Lambermontakkoord voorzien dat deze bevoegdheden verder overgeheveld zouden worden naar de gewesten en gemeenschappen. Bovendien staat in het huidige Vlaams regeerakkoord 2004 dat er ter zake uitvoering moet gegeven worden aan het Lambermontakkoord en dat ontwikkelingssamenwerking een volledig Vlaamse bevoegdheid moet worden.

Dit was voor Vlaams Volksvertegenwoordiger Karim Van Overmeire voldoende om Vlaams Minister voor Ontwikkelingssamenwerking, Geert Bourgeois met de discrepantie tussen het regeerakkoord en de “Convergentie-nota” te confronteren. Van Overmeire wilde van de minister wel eens weten of de Vlaamse regering trouw zou blijven aan de bepalingen in haar regeerakkoord bij de terugkoppeling uit het Octopusoverleg over de staatshervorming.

Uit het antwoord van Bourgeois kunnen we onthouden dat hij bevestigde dat de Vlaamse regering blijft aandringen op de in Lambermont voorziene overdracht. Dat standpunt zal ook aangehouden worden wanneer de Vlaamse regering betrokken wordt bij het Octopusoverleg. We zullen zien…

Bespreking decreet financiering hoger onderwijs begonnen…!

In het Vlaams parlement verwacht men een stevig debat over de nieuwe financiering van het hoger onderwijs, want er worden verschillende zittingen voor gereserveerd. Het omstreden plan houdt een globale besparing in die zich vooral in de hogescholen zal doen voelen, en dat terwijl de werkdruk er al onhoudbaar hoog is. De hogescholen zullen zich met het financiële mes op de keel bovendien gedwongen voelen om studenten uit kansengroepen door hun opleidingen te katapulteren. “Outputfinanciering” noemt Minister Vandenbroucke dat mooi, “discriminatie en afkopen van diploma’s” noemen wij dat. Het feit dat Minister Vandenbroucke rekent op de “eerbaarheid” van het onderwijzend personeel, is al een bekentenis dat zijn financiering oneerbare praktijken inhoudt. Door dit “afkopen” van diploma’s zal uiteindelijk de waarde van het hoger diploma omlaag tuimelen, met zware gevolgen op de arbeidsmarkt en voor de Vlaamse internationale concurrentiepositie tot gevolg. De “gelijkheid” die Minister Vandenbroucke nastreeft zal alleen op de bodem te vinden zijn…

Biologische groenten niet per definitie veiliger en gezonder ?

Vlaams Volksvertegenwoordiger Stefaan Sintobin stelde de voorbije dagen vast dat uit een grootschalig onderzoek van de universiteit van Gent, dat werd gesubsidieerd door de Vlaamse overheid, blijkt dat biologisch geteelde groenten niet per definitie veiliger en gezonder zijn : “Dit onderzoek stelt echter dat bio soms beter, maar vaak ook slechter scoort in vergelijking met de 'klassieke' tegenhangers. In feite stelt dit onderzoek de meerwaarde van biologisch geteelde groenten in vraag. Inzake milieuvriendelijkheid scoort bio dan wel beter. Ook zou biolandbouw een gunstig effect hebben op biodiversiteit.”
Uit recente cijfers blijkt dat de biolandbouw in Vlaanderen het niet zo goed doet in vergelijking met andere Europese landen. Er is in Vlaanderen sprake van een stagnatie en zelfs een achteruitgang in de productie en het verbruik. Daarom lanceerde de Vlaamse Regering een actieplan Biolandbouw waar toch heel wat middelen naartoe gaan. Stefaan Sintobin vroeg dan ook van Vlaams Minister van Landbouw Peeters een reactie op dit onderzoek en naar de gevolgen van dit onderzoek op de actualisering van het Actieplan.
Minister Peeters antwoordde dat de sector zelf subsidies had gevraagd om onderzoeken te doen waaruit zou kunnen blijken dat de biolandbouw een meerwaarde heeft. De sector heeft de studie zelf besteld en is er ook de eigenaar van. Het betreft een vrij genuanceerde studie maar werd volgens de Minister wat vertekend weergegeven in de pers : “Wat betreft de milieuvriendelijkheid, zoals de biodiversiteit, is het vrij duidelijk dat de biolandbouw heel wat positieve elementen bevat. Het element gezondheid moeten we zeer genuanceerd en geval per geval bekijken. (…) De vraag of een bioproduct gezonder is dan een gewoon product, moeten we zeer genuanceerd bekijken.”. De Minister kondigde ook aan dat het nieuwe Actieplan Biolandbouw er tegen juni 2008 zou zijn : “Bioproducten zitten in Vlaanderen onder het gemiddelde niveau van Europa. Er bestaat een markt voor bioproducten. Het feit dat die markt bij ons niet verder ontwikkeld is, heeft te maken met een aantal elementen zoals opleiding, kennis, distributie, enzovoort. Ik zal daar verder aan werken. Er is in Vlaanderen ruimte voor biolandbouw. Vanuit het beleid moet daar de nodige aandacht aan worden besteed.”.



© 1997 - 2012 Vlaams Belang